Het weekend van 7 en 8 juli was weer een druk weekend voor de duivenliefhebbers en de organiserende mensen in de inzetlokalen. Barcelona, Dax en La Souteraine voor de fond en dagfond liefhebbers en dan op twee dagen de jonge duiven voor de eerste keer in de mand voor Marche rep. Hoei/Huy.

De tweede nationale overnachtvlucht voor Sector 1, vanuit Dax, ging vrijdagmiddag 6 juli om 13.30 uur het luchtruim in. Nationaal stonden 10.077 duiven ingetekend waarvan er door de Limburgse liefhebbers 1.343 duiven waren ingezet. De wind stond in het weekend grotendeels uit een noordelijke hoek en voor de duiven zou het opnieuw een zware vlucht worden.

Even na 10 uur meldde zich de eerste Dax vlieger in Limburg en dit was bij de bekende fond liefhebber Hub Nijsten uit Geulle in het zuiden van Limburg. Hub klokte zijn weduwnaar om 10 uur 11 op een afstand van 951 km. Dit zou een winnende snelheid betekenen van 1114 m/min.

Hub mande 10 weduwnaars in en wint twee prijzen t.w. 1 en 80. Nationaal sector 1 staat hij op een 3e plaats en verder pakt hij nog prijs 504.

“De Donkere Dax”

Zijn provinciale winnaar draagt ringnummer Nl16-1757318 en als jaarling wist hij prijs te vliegen op de morgenlossing Bergerac, 412e tegen 2800 d. Op St. Vincent van dit jaar miste hij net zijn prijs om nu revanche te nemen met de provinciale zege op deze zware Dax. Nationaal Sect. 1 tegen 10.077 duiven werd hij 3e.

Vader is de “Rode 44” een doffer welke Hub terughaalde bij Cees van der Poel omdat hij nog een telg was uit de lijn van de “Rode Hub”

Gr. Vader is de “Rode 927” en is een kleinzoon van zijn “Rooie Hub” van ’04. (Van der Poel – Nijsten)

Gr. Moeder is het “106” van ’09 en is een dochter van de “950” welke een zoon is van de Super 11” met 10 overnachtprijzen nationaal (15e, 17e, 19e etc.). (Soort Gebr. Derickx x Nijsten)

Moeder is het “197 “van ’10 en zij is een dochter van de voornoemde “950”

Gr. Vader is de “Zoon Super 11” x dochter “Vale 444”

Gr. Moeder is “Dochter Kleine Dax” met een 23e en 99e Nat Dax (resp. tegen 20.253 en 20.896 d) (Corbut, v.d. Wegen, v.d. Poel). Inteelt naar de “Super 11”

 

Spel en verzorging

Hub leerde het duivenspel van zijn opa Hub, die ook een fervent liefhebber was van de grote afstanden. Aan de Poortweg in Geulle bouwde hij in 1958 zijn eerste hokken en heden ten dage is er een hok op de zolder van het woonhuis. Hier zaten vroeger de duiven welke op de ZLU vluchten werden ingezet. Nu heeft hij er nog drie kweekboxen. Op het hok van de schuur zitten nu alle vliegduiven te weten een afdeling met 20 jaarlingen, dan een afdeling voor de 12 ZLU-duiven, een afdeling van 8 weduwnaars voor de korte morgenlossingen en een afdeling voor 12 voor de nationale overnachtfond.

Vlieghokken op de schuur.

In de ‘wei’, zoals hij zegt, staat het hok voor de jonge duiven en zijn tevens de kweekduiven en weduwduivinnen ondergebracht. Diverse afdelingen zijn hier van rennen voorzien.

Aanvankelijk vloog hij mee op de programmavluchten om in 1990 de overstap te maken naar de grote fond. Hiertoe haalde hij duiven bij o.a. Hein Oostenrijk uit Heinigen, Jan Theelen uit Buggenum, Raymond Corbut uit Anderlues, Gebr. Derickx uit Wessem, Kurvers-de Weerd uit Hulsberg, Van Ophuizen-Marell uit Landgraaf, Cees van der Poel uit Ridderkerk en onlangs bij de familie Jacobs uit Beek. Hier haalde hij een doffer terug waar voor de helft zijn eigen soort in zit. Hieruit kweekte hij een duivinnetje welk zich al liet zien op Limoges 132e (2712 d) en Agen ZLU-jaarlingen met een 229e (4776 d). Af en toe koopt hij ook wel een bonnetje op de WEFO-avond.

Hub vliegt met een ploeg van 52-tal weduwnaars, waaronder ca. 20 jaarlingen. Deze zitten verdeeld over de afdelingen op het hok op de schuur.  Gekoppeld wordt er medio februari en alleen de jaarlingen brengen jongen groot van de kwekers en beste vliegduiven. De oudere weduwnaars broeden voor ca. 10 dagen, waarna ze weer worden gescheiden.

De oudere weduwnaars worden opgeleerd op de tussenvluchten en worden bij de derde tussenvlucht herkoppeld. Ze zitten dan op voor de eerste week op weduwschap als de eerste dagfondvlucht Issoudun wordt gevlogen.

Trainen doen de weduwnaars tweemaal daags n.l. om 6 uur in de vroege morgen en in de middag om 4 uur. Alle kleppen staan open en ze kunnen een uur in en uit vliegen.

De opleiding voor de jaarlingen begint op de eerste vlucht Marche en gaan mee tot ca. 400 km. Daarna doen ze de morgenlossing Cahors en Bergerac.

Na Issoudun gaat ook het grote werk voor de oudere weduwnaars beginnen. Ongeveer 14 dagen voor de eerste grote fondvlucht gaan ze nog even naar een 400 km vlucht en zijn er klaar voor. Ze worden op drie overnachtvluchten ingemand. De periode tussen de vluchten is dan ca. 3 weken. Rust vindt Hub dan ook heel belangrijk.

Hub mengt drie a vier handelsmengelingen als de z.g. zwaardere voer. Tussen de vluchten krijgen ze een lichtere mengeling bestaande uit de Zoontjens mengeling en Gerry Plus van Versele en ook wordt er eventueel gerst toegevoegd. Als de grote fondvluchten beginnen dan geeft Hub ca. vijf voederbeurten de zwaardere mix van mengelingen aan de duiven welke op reis gaan.

Omdat de fondvluchten tot nog toe uiterst zwaar verlopen voert Hun nu 5 dagen voor de vlucht de zwaardere mengeling. Anders zoude ze te kort gaan komen. Hij vergelijkt het graag met zijn tweede hobby n.l. het wielrennen. In zijn jonge jaren heeft hij menige course gereden en het was een fanatiek baasje en als je niet zorgde voor voldoende energy, kreeg je de z.g. klophonger.

Bij de mix van zwaardere mengelingen geeft Hub tevens een supplement aan Badische maïs en enkele pinda’s. Eenmaal in de week biergist over het voer bevochtigd met levertraan. Bij thuiskomst honing en Belgasol. Alle duiven worden in potjes in hun bak gevoerd.

Bij thuiskomst zit er BS van de Weerd in het water ter ontsmetting. Tegen de z.g. luchtwegen infecties wordt weinig ondernomen. Een teentje knoflook zit ook geregeld in het water.

De gekweekte jonge duiven zitten op het hok ‘in de wei’ en worden op de navluchten op een 4 a 5-tal vluchten opgeleerd. Een 20-tal jonge doffers hoopt Hub dan elk jaar te kunnen selecteren voor zijn vliegploeg.

Hub heeft in de duivensport al heel wat hoogtepunten gekend en wist o.a. in 1997 de 1e Nationaal Pau te spelen met zijn bekende “Luca”. In 1998 was hij winnaar van Nationaal en Internationaal Bordeaux Jaarlingen. In 2007 won hij zelfs 1-2-3 provinciaal Cahors tegen 2.369 duiven en nu mag hij er weer een provinciale overwinning toevoegen aan zijn erelijst.

Ook op bestuurlijk vlak is hij steeds actief geweest en nog steeds preses van de WEFO Limburg. In het fond wereldje heeft Hub al jaren een heel goede naam en menig liefhebber slaagde met de inbreng van zijn soort.

De duivensport is voor Hub een grote passie en zonder duiven in zijn leven zou hij zich niet happy voelen. Zijn lust en leven.

Hub Proficiat.

 

 

 

Nieuws flits !!

Recent geplaatste Reportages